Persoonlijke valbeveiliging is een combinatie van beschermingsmiddelen die op individueel niveau worden ingezet. Het doel hiervan is het minimaliseren van de risico’s bij het werken op hoogte.

Je mag persoonlijke valbeveiliging pas inzetten als beschermingsmiddel wanneer werkzaamheden in de onveilige zone niet te voorkomen zijn, en collectieve veiligheidsmaatregelen geen optie vormen. Ook wanneer het aanbrengen van collectieve maatregelen meer risico’s met zich meebrengt dan het gebruik van individuele middelen is het geoorloofd om persoonlijke valbeveiliging in te zetten.

Aandachtspunten bij gebruik van valbeveiliging

  • Valbeveiliging mag je nooit zelf repareren, laat dit door de leverancier of fabrikant doen
  • Valbeveiliging moeten met zorg worden bewaard en opgeslagen: Op een droge, stofvrije plaats, stel ze niet onnodig bloot aan UV-straling en niet aan bijtende of chemische stoffen
  • Schoonmaken van de valbeveiliging mag alleen met koud of handwarm water
  • Lees voor het eerste gebruik van een middel de gebruiksaanwijzing van de fabrikant welke de leverancier verplicht is om mee te sturen
  • Alle valbeveiliging moet voorzien zijn van een geldige keuring. Dit blijkt uit een sticker op het middel en het bijbehorende certificaat of inspectierapport
  • Doorgaans zijn persoonlijke valbeveiligingsmiddelen getest voor personen met een maximaal gewicht van 134 kg. Bij gebruik van PBM door personen met een groter gewicht is de fabrikant niet meer aansprakelijk voor een juiste werking van het materieel. Houdt hier dus rekening mee met de bestelling van PBM. Er zijn enkele fabrikanten die afwijkende PBM produceren
  • Denk vooraf na over de praktische uitvoering* van werkzaamheden waarbij PBM ingezet moeten worden. Stem de middelen zoveel mogelijk af op de gebruiker

*) Met praktische uitvoering van het werk worden de mogelijkheden bedoeld die het systeem biedt om de dagelijkse werkzaamheden op een zo makkelijk mogelijke manier uit te voeren. Elk  systeem of middel heeft zijn voor- en nadelen en er dient vooraf bepaald te worden welke systemen of middelen de werkzaamheden het minst (negatief) beïnvloeden. Dit vergroot de acceptatie bij de medewerkers die er mee moeten werken. Wanneer zij negatieve invloeden ervaren, zal de acceptatie laag blijven waardoor middelen niet of in beperkte mate gebruikt zullen worden.

Persoonlijke beschermingsmiddelen

Boven een hoogteverschil van 2,5 meter moeten we maatregelen nemen om valgevaar te voorkomen. Zoals al eerder beschreven, gebruiken we persoonlijke beschermingsmiddelen wanneer andere beschermingsniveaus niet mogelijk zijn of redelijkerwijs niet te verlangen zijn. Bijvoorbeeld omdat de risico’s bij het dragen van PBM lager zijn dan de risico’s die het aanbrengen van collectieve beveiliging oplevert.

De keuze voor de inzet van persoonlijke valbeveiliging moet altijd onderbouwd zijn. Operationeel leidinggevenden zijn verantwoordelijk voor deze onderbouwing, eventueel na raadpleging van deskundigen. Omdat het werken met persoonlijke valbeveiliging hoog risicovol is, moet de gebruiker aantoonbaar deskundig zijn. Deze deskundigheid kan door opleiding, training en/of instructie verkregen zijn. Bovendien moeten leidinggevenden toezicht houden op het veilig gebruik van persoonlijke valbeveiliging.

Soorten valbeveiliging

We kunnen 2 soorten persoonlijke valbeveiliging onderscheiden, namelijk:

  • Valbeveiliging die voorkomt dat we vallen. Dit zijn de zogeheten positioneringsmiddelen. Door deze middelen te gebruiken kun je bijna tot aan het valgevaar komen maar niet over de rand vallen.
  • Valbeveiliging die de gevolgen van een val kan beperken. Dit zijn middelen die erop gericht zijn om een val te stoppen zodat de kans op (permanent) letsel of dodelijke afloop verkleind worden. Deze middelen voorkomen een val echter niet.

Het spreekt voor zich dat positioneringsmiddelen de voorkeur hebben boven de letsel beperkende middelen. Sinds juni 2014 is in de  arbocatalogus omtrent platte daken opgenomen dat op platte daken enkel nog gebruik mag worden gemaakt van gebiedsbegrenzing, oftewel  positioneringsmiddelen.